Door: Jefferson
Datum: 02-04-2025 | Cijfer: 8.1 | Gelezen: 225
Lengte: Lang | Leestijd: 25 minuten | Lezers Online: 4
Lengte: Lang | Leestijd: 25 minuten | Lezers Online: 4
Vervolg op: De Vriendengroep - 146: Fantasie En Mogelijkheid
De Schaduw Van Het Verleden
De lodge lag stil in de avondschemering, gehuld in het zachte, warme licht van de lampen die de houten wanden een gloed gaven die bijna geruststellend aanvoelde. Buiten fluisterde de wind langs de gevel, blies een kille herfstsfeer door de takken van de bomen die rondom het park stonden. Binnen was het warm, knus zelfs, een kleine cocon die ons tijdelijk afsloot van de buitenwereld. Ik zat achterover in een van de fauteuils, een glas whisky losjes in mijn hand, terwijl ik naar Kamila keek, die zich op de bank had genesteld. Ze leek zich volledig thuis te voelen, haar blote benen over elkaar geslagen, haar lange haren nonchalant over haar schouder geworpen. De zachte stof van haar trui volgde de lijnen van haar lichaam, een aanblik die me vertrouwd en toch altijd weer nieuw voelde.
De rest van de dag voelde als een langgerekte, rustige dans tussen ons, vol kleine momenten die voor de buitenwereld misschien onbeduidend leken, maar voor mij zoveel betekenden. We wandelden over de kronkelende paden van het park, onze handen achteloos in elkaar verstrengeld, onze vingers spelend met elkaars huid. Op een afgelegen bankje bij een vijver trok ze me speels naar zich toe, haar lippen warm en zacht tegen de mijne, onze kus langzaam, dromerig, alsof we even in een eigen wereld waren.
In een klein café bestelde ze thee, haar handen om de mok gevouwen terwijl ze met een ondeugende blik over de rand naar me keek. Ik wist precies wat erachter zat. Haar voet vond mijn enkel onder de tafel, haar knie streek langs mijn been, een klein gebaar, maar net genoeg om me te laten voelen dat ze zich volledig bewust was van haar effect op me.
Vandaag was druk geweest, elke minuut leek gevuld met een schema waar we niet onderuit konden. Kamila had gewerkt aan promoties, gefotografeerd, gefilmd en verhalen gedeeld, en zelfs het avondeten was niet zomaar een intiem moment samen, maar een verplichting waar ze haar aanwezigheid en glimlach als deel van haar werk moest inzetten. Er was geen tijd geweest om onszelf echt te verliezen in elkaar, geen moment om de spanning die tussen ons hing volledig te benutten. En nu, eindelijk terug in de lodge, voelde ik hoe de vermoeidheid zich in mijn lichaam nestelde.
Mijn gedachten dreven langzaam terug naar Ameland. Daar was alles eenvoudig geweest. Het was een plek die voelde als een veilige haven, een wereld waarin alles voorspelbaar was en ik grip had op mijn omgeving. Hier, in de nieuwe realiteit die wij samen hadden gecreëerd, lag alles open. Ik had geen controle over wat er zou gebeuren, wie we zouden tegenkomen, welke invloeden zich tussen ons zouden dringen. Kamila straalde, meer dan ooit, alsof dit haar natuurlijke staat van zijn was. Maar betekende dat ook dat ik haar volledig begreep? Of groeide zij simpelweg sneller dan ik kon bijhouden?
Ze had me door. Dat voelde ik. Ze voelde het altijd. Zonder iets te zeggen kwam ze overeind en gleed ze soepeltjes op mijn schoot, haar armen losjes rond mijn nek. Vanuit haar heupen duwde ze zich expres fel tegen me aan terwijl haar ogen mijn verlangend aankijken. Haar geur was warm, een mix van haar huid en de lichte hint van lavendel uit de douche van eerder deze avond. Mijn handen gleden langs haar dijen, omhoog over de gebogen lijn van haar rug, terwijl ik mijn gezicht kort tegen haar hals drukte. Ze zuchtte zachtjes, een geluid dat als een fluistering door de kamer zweefde. Dit was wat ik kende. Dit was wat ik altijd had. De warmte van haar lichaam, het ritme van haar ademhaling tegen mijn huid. Zoals op Ameland. Als ik thuiskwam van mijn werk, en zij op mij had gewacht. Hoe ze mij verwelkomde met haar warmte op elke manier die ze maar kon bedenken.
Haar lippen vinden de mijne met een vurigheid die alleen maar lijkt te groeien, alsof ze me volledig wil opnemen in haar wereld en we niets of niemand anders meer hoeven te kennen. Onze tongen vinden elkaar, traag en verkennend, het begin van iets wat zich tussen ons uitstrekt als een onzichtbare draad van verlangen. Haar handen glijden over mijn borst, mijn schouders, nagels die even blijven hangen op de rand van mijn hals voordat ze afzakken naar mijn broek. Mijn eigen vingers vinden hun weg onder haar trui, de warmte van haar huid tegen mijn handpalmen drijft mijn ademhaling op.
"Ik mis je," fluistert ze zacht tegen mijn lippen, haar stem breekbaar maar gevuld met zekerheid. "Ondanks dat we samen zijn."
Ik voel de woorden dieper dan ik had verwacht, een golf die zich ergens in mijn borstkas verzamelt. "Ik ook," fluister ik terug, terwijl ik haar trui optrek en over haar hoofd trek, haar haren vallen speels terug over haar schouders. Mijn blik valt op de ronding van haar borsten, gevangen in een volle, donkere bh die haar huid nog mooier maakt in het zachte licht van de kamer. Voor ik iets kan zeggen, pakt ze mijn hoofd en duwt ze me er zachtjes tegenaan. Mijn lippen raken de stof en haar geur vult mijn zintuigen, haar ademhaling versnelt en ik voel hoe haar lichaam zich volledig tegen me aan duwt.
We zijn nog altijd even hongerig naar elkaar, misschien zelfs meer dan ooit. Mijn gedachten vullen zich met beelden, met de fantasieën die me de afgelopen dagen steeds sneller wisten te vinden, maar wat er in haar hoofd speelt weet ik niet. Haar ogen lichten op van opwinding, haar benen klemmen zich steviger om me heen wanneer ik haar optil, haar lichaam tegen het mijne houdend terwijl haar lippen mijn kaaklijn verkennen.
"Naar bed," mompel ik hees. "Ik ga je laten voelen hoezeer je nog van mij bent."
Ze lacht, een zwoele, zachte klank die zich rond mijn ribbenkast krult en me nog harder maakt. "Ik kan niet wachten."
Maar net wanneer we de woonkamer willen verlaten, klinkt een bekend, irritant geluid. Een notificatie. Haar laptop, die ze nog open had laten staan. Kamila stopt, haar adem nog zwaar van onze kus. Even aarzelt ze, en ik weet wat er gaat komen voordat ze het zelf uitspreekt. "Laatste afspraak," mompelt ze. "Dan is het klaar voor vandaag, dat beloof ik."
De hitte in mijn lichaam dooft niet meteen, maar mijn grip op haar wel. Langzaam laat ik haar los, haar voeten raken de vloer en ik stap een halve pas achteruit. Haar ogen zoeken de mijne, maar ik voel de afstand al groeien. Ze twijfelt, ik zie het in haar blik. Maar niet genoeg. Haar keuze is al gemaakt, en ze loopt naar haar laptop.
En dat steekt.
Ze laat zich neerzakken op de stoel, haar houding ontspannen, alsof ze zich niet eens hoeft te bedenken wat ze gaat doen. Ze trekt haar trui niet aan, voelt zich blijkbaar comfortabel genoeg zonder, terwijl ik haar nog steeds van een afstand observeer. Even kijkt ze me aan, haar lippen vormen een geruststellende glimlach, zacht en lief zoals alleen zij dat kan, maar ik weet dat ze ziet wat er in mijn ogen brandt. De teleurstelling. Ze weet het. En ze fluistert snel, haast verontschuldigend: "Sorry."
Ze meent het, dat weet ik. Natuurlijk meent ze het. Maar dat verandert niets aan de situatie. Haar vingers tikken lichtjes op het touchpad en met een vloeiende beweging opent ze een chat. Ik kan net genoeg meekijken om het te herkennen: een videoafspraak. De man uit India.
Ik weet hoe dit werkt. Kamila had me verteld dat hij altijd onbekend in beeld verscheen. Nooit een echt gezicht, nooit een duidelijke naam, alleen een gebruikersnaam, een avatar die niets onthulde over de man erachter. Maar nu hoor ik hem voor het eerst. Een stem, warm maar zakelijk, gecontroleerd maar met een ondertoon die me irriteert.
Kamila’s reactie is precies zoals ik het had verwacht. Een oprechte, ondeugende lach, een speelse twinkeling in haar ogen die ik te goed ken. Ze verontschuldigt zich zogenaamd voor haar nonchalante verschijning, haar houding verleidelijk zonder dat ze haar best lijkt te doen. Het werkt. Natuurlijk werkt het. Het werkt altijd.
Ik sta daar, mijn ademhaling onregelmatig, mijn handen half gebald. En ik voel hoe mijn broek strakker begint te zitten, mijn lichaam dat zich aanpast aan de situatie, mijn gedachten die een grens overgaan. Wat als ik nu naar haar toe zou lopen? Wat als ik zonder een woord te zeggen mijn stijve uit mijn broek zou halen en die tegen haar lippen zou duwen, terwijl die man toekeek? Zou ze me pijpen? Zou hij ervoor betalen? Zou hij meer willen? Zou iedereen hier precies krijgen wat hij wilde?
Nee. Dat laatste zeker niet.
Dus ik blijf staan. En doe niets.
Ik draai me om en loop weg, mijn schouders zwaar, mijn gedachten chaotisch, alsof ik mezelf moet losmaken van iets wat ik eigenlijk niet wil loslaten. Zo voelt het. Alsof ik afdruip. Alsof ik een bijrol speel in een scène waar ik altijd de hoofdrol had moeten hebben. Zo bedoelt ze het vast niet. Ik weet het, ergens diep vanbinnen weet ik dat wel. Maar dat maakt het gevoel niet minder.
Ik fluister dat ik even ga douchen, een lauwe poging om mezelf een uitweg te geven. "Neem wel een koude douche," grap ik, terwijl ik me half omdraai, zonder haar blik echt te zoeken, zonder haar te willen afleiden. Ze kijkt op, vangt mijn woorden op, maar haar aandacht blijft bij het scherm. Haar klant, haar afspraak, haar werk. Toch registreert ze me, op die automatische manier zoals ze alles oppikt. Ergens knap hoe ze dat doet. Hoe ze tegelijkertijd hier en daar kan zijn. Hoe ze haar focus zo feilloos weet te verdelen.
Maar ik neem geen douche.
Ik draai me om, halverwege de trap, en laat mijn hand even op de leuning rusten. Misschien moet ik gewoon zeggen dat ik op haar wacht, dat ik hier blijf, haar niet zomaar achterlaat. Mijn goede wil. Dat is iets wat ze altijd waardeert. Iets wat haar geruststelt, iets wat haar laat voelen dat ik er nog ben. Dus ik loop terug, vastbesloten om precies dat te doen. Maar dan, voordat ik de woonkamer bereik, hoor ik ze praten.
Zijn stem is onmiskenbaar, dat accent, dat ritme. Een mengeling van gebroken Engels, aarzelend maar zeker genoeg om gehoord te willen worden. En haar stem—vloeibaar, warm, natuurlijk. Geen enkele hapering, geen twijfel. Ze praten met gemak, met een ritme dat bijna vertrouwd voelt, alsof ze dit vaker hebben gedaan. Alsof ze elkaar al jaren kennen. En in zekere zin is dat ook zo.
Maar toch voelt het vreemd.
Ik blijf stilstaan, half in de schaduw van de deuropening, zonder me kenbaar te maken. Mijn ademhaling onhoorbaar, mijn hartslag net iets te snel. En ze kletsen. In het begin gewoon, zoals twee mensen die elkaar beter leren kennen. Vriendelijk, luchtig. Een lach hier, een korte stilte daar. Zij in haar bh, haar huid blootgesteld aan het licht van het scherm. Hij onbekend, onzichtbaar, slechts een stem in de duisternis van zijn kant.
Mijn blik glijdt onbewust naar haar, de manier waarop ze daar zit, hoe ze zich beweegt, hoe haar schouder net iets kantelt als ze lacht. Ik gluur om het hoekje, blijf buiten haar zicht. Ze heeft niet eens gemerkt dat de douche niet loopt. Niet eens opgemerkt dat ik hier nog sta. Alle aandacht voor hem. Voor nu.
En dat mag wat kosten.
Kamila lacht en haar toon heeft die speelse, verleidelijke ondertoon die ik maar al te goed ken. Ze praat met hem op een manier die lichtjes flirterig aandoet, niet overdreven, niet doelbewust uitdagend, maar precies dat beetje luchtigheid waarmee ze moeiteloos iemands aandacht gevangen houdt. Complimenten geeft ze hem niet, dat zou ook lastig zijn. Ze weet ten slotte niet hoe hij eruitziet, kent alleen zijn stem, zijn manier van praten, zijn drang om haar te plezieren met woorden en suggesties. Maar ze prijst hem wel, subtiel, op een manier die hem laat weten dat ze onder de indruk is van zijn creativiteit. En dat doet ze door over de bingo te beginnen.
Het gesprek glijdt moeiteloos naar het korte filmpje van eerder, het eerste vakje op de kaart dat ze met gemak had ingevuld. Hij begint haar te prijzen, niet op de manier die ik misschien had verwacht. Geen directe opmerkingen over hoe graag hij daar bij haar had willen zijn, geen rauwe fantasieën uitgesproken in haar richting. In plaats daarvan richt hij zich op hoe natuurlijk ze het deed, hoe moeiteloos haar sensualiteit naar voren kwam, hoe prachtig ze eruitzag en hoe hij simpelweg niet kon wachten om meer te zien. Dit verbaasd me. Maar hij liegt zeker niet.
Ik zie het effect bij haar. De opwinding kruipt omhoog in haar blik, niet per se door hem, maar door het idee, door de erkenning van iets wat diep vanbinnen in haar zit. Kamila is in staat tot veel. Veel meer dan wat ze nu doet met haar leven, dat weet ik zeker, veel meer dan wat ze zichzelf toestaat. Maar ze kiest ervoor haar focus op dit fysieke deel van haar leven te leggen, zich volledig te richten op wat ze in haar handen heeft, op wat ze kan beheersen. En in dat alles is ze een natuurtalent. Ze kan zoveel meer. En meer dan ze doet, blijkt nu maar weer. En dat weet ze. En dat weet ik ook. En hij wil dat misschien nog wel het meest zien.
Dan, zonder enige schaamte of aarzeling, vraagt hij haar direct naar de zogenaamde "Black"-bingo. Hij noemt het zo, alsof het de normaalste zaak van de wereld is, alsof dit geen beladen onderwerp is, geen grens die hij hiermee verkent. Waarom zou hij zich ook schamen? In zijn ogen is dit slechts een spel, een fantasie die langzaam naar de realiteit wordt geduwd.
"So, Mila-Rouge..." Zijn stem is soepel, bijna nonchalant. "What about the Black-bingo? Have you given it some thought?"
Ik zie hoe Kamila’s ogen oplichten bij zijn vraag, hoe een onbewuste glimlach haar lippen kruist. Het valt me op, en stelt me gerust, dat hij haar in ieder geval niet bij haar echte naam noemt. Maar dat is bijzaak nu. Ze likt even aan haar onderlip, alsof ze haar woorden zorgvuldig kiest, en leunt iets achterover in haar stoel.
"That depends," antwoordt ze speels. "Should I?"
Hij lacht kort, een warme, lage klank die verraadt dat hij dit spelletje vaker speelt. "Well, you would be perfect for it. You must know that."
Ze ontwijkt zijn vraag niet volledig, maar speelt ermee, houdt hem nog even op afstand, alsof ze zelf de spanning wil opbouwen, niet alleen voor hem, maar misschien ook voor zichzelf. "And what makes you think that?"
"Because I’ve seen you, Mila. I’ve seen the way you move, the way you... enjoy yourself." Zijn stem vertraagt bij die laatste woorden, alsof hij ze zorgvuldig neerlegt, als een uitnodiging. "I can only imagine how breathtaking you'd be surrounded by them. A goddess among kings."
Ik slik. Dit is meer dan een suggestie. Dit is een duw in een richting waar ik niet zeker van ben. En Kamila? Ze lacht. Een zachte, luchtige lach die niet verraadt of ze gevleid is of gewoon speelt. "That’s quite the compliment," zegt ze, haar vingers langs haar hals strijkend. "But you know... I don’t just jump into things like that."
"Of course not," zegt hij, zonder een spoor van teleurstelling. "But if you ever do... You should know I’d make sure it’s worth your while."
Hij blijft praten, blijft het beeld schetsen alsof hij een kunstenaar is die haar met zijn woorden middenin een scène plaatst. Hij vertelt haar hoe prachtig ze zou zijn tussen zwarte lichamen, hoe perfect ze zich daarin zou voegen, alsof het een natuurlijke bestemming is die ze altijd al had moeten bereiken. En ik? Ik zie het ook. Ik zie het meteen voor me, tegen wil en dank. Natuurlijk zou ze daar mooi zijn. Kamila is overal mooi. Of ze nu voor me ligt, onder me, boven me, of ergens anders, in andere armen, in andere handen. Ze zou altijd onweerstaanbaar zijn.
Maar wat hem tot nu toe slechts een fantasie leek, krijgt ineens een ander gewicht als hij iets ter sprake brengt wat ze hem blijkbaar zelf heeft verteld. Niet zomaar een opmerking, niet zomaar een veronderstelling, maar een herinnering.
"You know, Mila... you've already been with one before," zegt hij plots, zijn stem iets lager, alsof hij een geheim aan haar fluistert. "You told me, remember?"
Mijn hart slaat over. Kamila kantelt haar hoofd iets en lacht kort, maar er is een flikkering in haar ogen, een twinkeling die verraadt dat ze zich het gesprek herinnert. "Did I now?" zegt ze met een luchtige toon, alsof het niets voorstelt.
"Oh, you did," gaat hij verder, zelfverzekerd, genietend van het idee dat hij haar ergens op kan wijzen. "You told me about him. The first time. With a friend? How it was... different."
Ze glimlacht, haar vingers glijden gedachteloos langs haar hals. "I suppose it was," antwoordt ze, zonder veel moeite om het te ontkennen.
En ik? Ik voel hoe mijn grip op de deurpost steviger wordt. Ik wist het. Zij wist het. Elise wist het. En natuurlijk wist Mussa het ook. Maar dat had tussen ons moeten blijven, een afgesloten hoofdstuk, een geschiedenis die niet bedoeld was om te delen met buitenstaanders.
Toen hadden Kamila en ik nog geen relatie. Toen was het slechts een ervaring. Een keertje. Een moment. Ik en Elise als toevallige en gelukkige toeschouwers.
Maar nu... nu weet hij het ook. Omdat zij het hem heeft verteld. Dat betekent iets. Dat betekent dat het voor haar misschien toch meer betekende dan ik had gedacht. Het betekent dat dit in haar hoofd is blijven hangen, dat het iets bij haar heeft achtergelaten, een indruk, een verlangen misschien, iets wat haar nu nog steeds raakt.
"And would you do it again?" vraagt hij, de woorden bijna plagerig, maar met een onderliggende ernst. "For the bingo, perhaps?"
Kamila’s lach is zacht, een zucht van amusement terwijl ze het scherm iets dichter naar zich toe trekt. "Who knows? Maybe I'll surprise you."
Mijn gedachten tollen, mijn maag draait zich om. Overweegt ze die tweede bingolijst serieus? Misschien zelfs meer dan de eerste? Wat betekent dat? Wat betekent dat voor haar? Wat betekent dat voor ons? Hoe dan? Met wie dan? En nog belangrijker: waar blijf ik in dit alles?
Dan verdwijn ik maar naar boven, naar bed, al weet ik bij voorbaat dat slapen er niet in zit. Mijn hoofd gonst, beelden flitsen voorbij, herinneringen die ik niet wil oproepen, maar die zich toch aan me opdringen. Ik zie het voor me, hoe ze met Mussa was, hoe ze zich aan hem overgaf, zomaar, alsof het de enige logische keuze was in dat moment. Was het uit wraak? Voelde ze zich verraden door mij, door mij en Elise samen? Had ze toen aandacht te kort? Van mij? Ik wil geloven dat dat nu niet meer zo is, dat ik haar alles geef wat ze nodig heeft, maar ergens knaagt die twijfel. Zou ze nu ook iets missen? Zou ze nu iets zoeken wat ik haar niet kan geven?
Goed, Mussa is allang uit beeld. En dat is maar goed ook. Toch is het beeld van hen samen nooit echt verdwenen, nooit helemaal weggeëbd. En ja, ik kan er alles van vinden, en dat doe ik ook, maar feit blijft dat het me opwindt. Zoals het dat altijd heeft gedaan. En ik haat mezelf erom, en ik omarm het tegelijkertijd. Want een mooi, blank meisje met een grote, donkere gast… het blijft een beeld dat me raakt, een diepgewortelde trigger, zelfs als het om mijn eigen relaties gaat. Zelfs als het om Kamila gaat. Zelfs als het haar is die in dat beeld verschijnt.
Elise was anders, dacht ik altijd. En ergens klopt dat ook. Bij Elise voelde het alsof ze het verdiende. Alsof het onvermijdelijk was dat ze op haar plek werd gezet door Mussa, alsof het bij haar hoorde, bij de dynamiek tussen hen, tussen ons. Hoe hij haar nam, hoe hij haar verlangde, hoe ze zich liet nemen en hoe ze het nodig had. Maar ik en Elise, wij trokken uiteindelijk aan de touwtjes. Wij bepaalden hoe ver het ging, wij hadden de controle. Of leek dat maar zo?
Kamila hoeft niet op haar plek gezet te worden. Dat is het verschil. Maar moest ik het haar dan gunnen? Moest ik het toestaan? En als ik dat deed… wat dan? Wat zou dat betekenen? Ik geef haar alles. Ik weet dat ik haar alles geef. Zij komt niks tekort, niet zoals Elise dat deed. Ik ben er voor haar, altijd. Of ben ik toch niet zo zeker? Misschien is dat precies wat me nu zo in de war brengt. Misschien is dat waarom ik haar nu zo voor me zie, in een scène die ik zelf niet wil verzinnen, maar die zich opdringt als een instinct, een beeld dat me niet loslaat.
Ik zie hoe ze wordt opgevuld, letterlijk en figuurlijk. En vooral hoe ze daar van geniet. Iets wat ik niet kan geven. Ik heb er maar één. Geen drie. En ze zijn niet eens zwart. En daar lijkt ze zo van te genieten. Mijn adem stokt even bij die gedachte, een vloek ontsnapt uit mijn mond, maar het beeld verdwijnt niet. Waarom toch? Waarom zie ik dit? Waarom geloof ik dat ze dit wil? Waarom maakt het me zo ongekend hard om mijn eigen Kamila, mijn prachtige, getalenteerde Kamila, gevuld te zien worden door een zwarte piemel, zelfs door meerdere? Waarom nu ineens? Waarom was dit voor deze week nooit zo sterk, nooit zo urgent, nooit zo onontkoombaar?
Ze weet het. Ze weet precies wat het met me doet. Ik heb het haar verteld, in een moment van zwakte, of misschien van eerlijkheid. Wat het toen met me deed om Elise zo te zien. We hebben het er zeker eens over gehad. Meerdere keren zelfs. Maar nooit serieus. Of wel? Was ik naïef? Heb ik het onderschat? Heb ik haar onderschat?
Want hoe geil het ook is, hoe verwoestend opwindend de gedachte me ook maakt, er is één zekerheid die ik voel tot in mijn botten: ik wil niet, nooit, hoe dan ook, hetzelfde meemaken met Kamila. Nooit. Niet zoals dat toen ging met Elise.
-
De rest van de dag voelde als een langgerekte, rustige dans tussen ons, vol kleine momenten die voor de buitenwereld misschien onbeduidend leken, maar voor mij zoveel betekenden. We wandelden over de kronkelende paden van het park, onze handen achteloos in elkaar verstrengeld, onze vingers spelend met elkaars huid. Op een afgelegen bankje bij een vijver trok ze me speels naar zich toe, haar lippen warm en zacht tegen de mijne, onze kus langzaam, dromerig, alsof we even in een eigen wereld waren.
In een klein café bestelde ze thee, haar handen om de mok gevouwen terwijl ze met een ondeugende blik over de rand naar me keek. Ik wist precies wat erachter zat. Haar voet vond mijn enkel onder de tafel, haar knie streek langs mijn been, een klein gebaar, maar net genoeg om me te laten voelen dat ze zich volledig bewust was van haar effect op me.
Vandaag was druk geweest, elke minuut leek gevuld met een schema waar we niet onderuit konden. Kamila had gewerkt aan promoties, gefotografeerd, gefilmd en verhalen gedeeld, en zelfs het avondeten was niet zomaar een intiem moment samen, maar een verplichting waar ze haar aanwezigheid en glimlach als deel van haar werk moest inzetten. Er was geen tijd geweest om onszelf echt te verliezen in elkaar, geen moment om de spanning die tussen ons hing volledig te benutten. En nu, eindelijk terug in de lodge, voelde ik hoe de vermoeidheid zich in mijn lichaam nestelde.
Mijn gedachten dreven langzaam terug naar Ameland. Daar was alles eenvoudig geweest. Het was een plek die voelde als een veilige haven, een wereld waarin alles voorspelbaar was en ik grip had op mijn omgeving. Hier, in de nieuwe realiteit die wij samen hadden gecreëerd, lag alles open. Ik had geen controle over wat er zou gebeuren, wie we zouden tegenkomen, welke invloeden zich tussen ons zouden dringen. Kamila straalde, meer dan ooit, alsof dit haar natuurlijke staat van zijn was. Maar betekende dat ook dat ik haar volledig begreep? Of groeide zij simpelweg sneller dan ik kon bijhouden?
Ze had me door. Dat voelde ik. Ze voelde het altijd. Zonder iets te zeggen kwam ze overeind en gleed ze soepeltjes op mijn schoot, haar armen losjes rond mijn nek. Vanuit haar heupen duwde ze zich expres fel tegen me aan terwijl haar ogen mijn verlangend aankijken. Haar geur was warm, een mix van haar huid en de lichte hint van lavendel uit de douche van eerder deze avond. Mijn handen gleden langs haar dijen, omhoog over de gebogen lijn van haar rug, terwijl ik mijn gezicht kort tegen haar hals drukte. Ze zuchtte zachtjes, een geluid dat als een fluistering door de kamer zweefde. Dit was wat ik kende. Dit was wat ik altijd had. De warmte van haar lichaam, het ritme van haar ademhaling tegen mijn huid. Zoals op Ameland. Als ik thuiskwam van mijn werk, en zij op mij had gewacht. Hoe ze mij verwelkomde met haar warmte op elke manier die ze maar kon bedenken.
Haar lippen vinden de mijne met een vurigheid die alleen maar lijkt te groeien, alsof ze me volledig wil opnemen in haar wereld en we niets of niemand anders meer hoeven te kennen. Onze tongen vinden elkaar, traag en verkennend, het begin van iets wat zich tussen ons uitstrekt als een onzichtbare draad van verlangen. Haar handen glijden over mijn borst, mijn schouders, nagels die even blijven hangen op de rand van mijn hals voordat ze afzakken naar mijn broek. Mijn eigen vingers vinden hun weg onder haar trui, de warmte van haar huid tegen mijn handpalmen drijft mijn ademhaling op.
"Ik mis je," fluistert ze zacht tegen mijn lippen, haar stem breekbaar maar gevuld met zekerheid. "Ondanks dat we samen zijn."
Ik voel de woorden dieper dan ik had verwacht, een golf die zich ergens in mijn borstkas verzamelt. "Ik ook," fluister ik terug, terwijl ik haar trui optrek en over haar hoofd trek, haar haren vallen speels terug over haar schouders. Mijn blik valt op de ronding van haar borsten, gevangen in een volle, donkere bh die haar huid nog mooier maakt in het zachte licht van de kamer. Voor ik iets kan zeggen, pakt ze mijn hoofd en duwt ze me er zachtjes tegenaan. Mijn lippen raken de stof en haar geur vult mijn zintuigen, haar ademhaling versnelt en ik voel hoe haar lichaam zich volledig tegen me aan duwt.
We zijn nog altijd even hongerig naar elkaar, misschien zelfs meer dan ooit. Mijn gedachten vullen zich met beelden, met de fantasieën die me de afgelopen dagen steeds sneller wisten te vinden, maar wat er in haar hoofd speelt weet ik niet. Haar ogen lichten op van opwinding, haar benen klemmen zich steviger om me heen wanneer ik haar optil, haar lichaam tegen het mijne houdend terwijl haar lippen mijn kaaklijn verkennen.
"Naar bed," mompel ik hees. "Ik ga je laten voelen hoezeer je nog van mij bent."
Ze lacht, een zwoele, zachte klank die zich rond mijn ribbenkast krult en me nog harder maakt. "Ik kan niet wachten."
Maar net wanneer we de woonkamer willen verlaten, klinkt een bekend, irritant geluid. Een notificatie. Haar laptop, die ze nog open had laten staan. Kamila stopt, haar adem nog zwaar van onze kus. Even aarzelt ze, en ik weet wat er gaat komen voordat ze het zelf uitspreekt. "Laatste afspraak," mompelt ze. "Dan is het klaar voor vandaag, dat beloof ik."
De hitte in mijn lichaam dooft niet meteen, maar mijn grip op haar wel. Langzaam laat ik haar los, haar voeten raken de vloer en ik stap een halve pas achteruit. Haar ogen zoeken de mijne, maar ik voel de afstand al groeien. Ze twijfelt, ik zie het in haar blik. Maar niet genoeg. Haar keuze is al gemaakt, en ze loopt naar haar laptop.
En dat steekt.
Ze laat zich neerzakken op de stoel, haar houding ontspannen, alsof ze zich niet eens hoeft te bedenken wat ze gaat doen. Ze trekt haar trui niet aan, voelt zich blijkbaar comfortabel genoeg zonder, terwijl ik haar nog steeds van een afstand observeer. Even kijkt ze me aan, haar lippen vormen een geruststellende glimlach, zacht en lief zoals alleen zij dat kan, maar ik weet dat ze ziet wat er in mijn ogen brandt. De teleurstelling. Ze weet het. En ze fluistert snel, haast verontschuldigend: "Sorry."
Ze meent het, dat weet ik. Natuurlijk meent ze het. Maar dat verandert niets aan de situatie. Haar vingers tikken lichtjes op het touchpad en met een vloeiende beweging opent ze een chat. Ik kan net genoeg meekijken om het te herkennen: een videoafspraak. De man uit India.
Ik weet hoe dit werkt. Kamila had me verteld dat hij altijd onbekend in beeld verscheen. Nooit een echt gezicht, nooit een duidelijke naam, alleen een gebruikersnaam, een avatar die niets onthulde over de man erachter. Maar nu hoor ik hem voor het eerst. Een stem, warm maar zakelijk, gecontroleerd maar met een ondertoon die me irriteert.
Kamila’s reactie is precies zoals ik het had verwacht. Een oprechte, ondeugende lach, een speelse twinkeling in haar ogen die ik te goed ken. Ze verontschuldigt zich zogenaamd voor haar nonchalante verschijning, haar houding verleidelijk zonder dat ze haar best lijkt te doen. Het werkt. Natuurlijk werkt het. Het werkt altijd.
Ik sta daar, mijn ademhaling onregelmatig, mijn handen half gebald. En ik voel hoe mijn broek strakker begint te zitten, mijn lichaam dat zich aanpast aan de situatie, mijn gedachten die een grens overgaan. Wat als ik nu naar haar toe zou lopen? Wat als ik zonder een woord te zeggen mijn stijve uit mijn broek zou halen en die tegen haar lippen zou duwen, terwijl die man toekeek? Zou ze me pijpen? Zou hij ervoor betalen? Zou hij meer willen? Zou iedereen hier precies krijgen wat hij wilde?
Nee. Dat laatste zeker niet.
Dus ik blijf staan. En doe niets.
Ik draai me om en loop weg, mijn schouders zwaar, mijn gedachten chaotisch, alsof ik mezelf moet losmaken van iets wat ik eigenlijk niet wil loslaten. Zo voelt het. Alsof ik afdruip. Alsof ik een bijrol speel in een scène waar ik altijd de hoofdrol had moeten hebben. Zo bedoelt ze het vast niet. Ik weet het, ergens diep vanbinnen weet ik dat wel. Maar dat maakt het gevoel niet minder.
Ik fluister dat ik even ga douchen, een lauwe poging om mezelf een uitweg te geven. "Neem wel een koude douche," grap ik, terwijl ik me half omdraai, zonder haar blik echt te zoeken, zonder haar te willen afleiden. Ze kijkt op, vangt mijn woorden op, maar haar aandacht blijft bij het scherm. Haar klant, haar afspraak, haar werk. Toch registreert ze me, op die automatische manier zoals ze alles oppikt. Ergens knap hoe ze dat doet. Hoe ze tegelijkertijd hier en daar kan zijn. Hoe ze haar focus zo feilloos weet te verdelen.
Maar ik neem geen douche.
Ik draai me om, halverwege de trap, en laat mijn hand even op de leuning rusten. Misschien moet ik gewoon zeggen dat ik op haar wacht, dat ik hier blijf, haar niet zomaar achterlaat. Mijn goede wil. Dat is iets wat ze altijd waardeert. Iets wat haar geruststelt, iets wat haar laat voelen dat ik er nog ben. Dus ik loop terug, vastbesloten om precies dat te doen. Maar dan, voordat ik de woonkamer bereik, hoor ik ze praten.
Zijn stem is onmiskenbaar, dat accent, dat ritme. Een mengeling van gebroken Engels, aarzelend maar zeker genoeg om gehoord te willen worden. En haar stem—vloeibaar, warm, natuurlijk. Geen enkele hapering, geen twijfel. Ze praten met gemak, met een ritme dat bijna vertrouwd voelt, alsof ze dit vaker hebben gedaan. Alsof ze elkaar al jaren kennen. En in zekere zin is dat ook zo.
Maar toch voelt het vreemd.
Ik blijf stilstaan, half in de schaduw van de deuropening, zonder me kenbaar te maken. Mijn ademhaling onhoorbaar, mijn hartslag net iets te snel. En ze kletsen. In het begin gewoon, zoals twee mensen die elkaar beter leren kennen. Vriendelijk, luchtig. Een lach hier, een korte stilte daar. Zij in haar bh, haar huid blootgesteld aan het licht van het scherm. Hij onbekend, onzichtbaar, slechts een stem in de duisternis van zijn kant.
Mijn blik glijdt onbewust naar haar, de manier waarop ze daar zit, hoe ze zich beweegt, hoe haar schouder net iets kantelt als ze lacht. Ik gluur om het hoekje, blijf buiten haar zicht. Ze heeft niet eens gemerkt dat de douche niet loopt. Niet eens opgemerkt dat ik hier nog sta. Alle aandacht voor hem. Voor nu.
En dat mag wat kosten.
Kamila lacht en haar toon heeft die speelse, verleidelijke ondertoon die ik maar al te goed ken. Ze praat met hem op een manier die lichtjes flirterig aandoet, niet overdreven, niet doelbewust uitdagend, maar precies dat beetje luchtigheid waarmee ze moeiteloos iemands aandacht gevangen houdt. Complimenten geeft ze hem niet, dat zou ook lastig zijn. Ze weet ten slotte niet hoe hij eruitziet, kent alleen zijn stem, zijn manier van praten, zijn drang om haar te plezieren met woorden en suggesties. Maar ze prijst hem wel, subtiel, op een manier die hem laat weten dat ze onder de indruk is van zijn creativiteit. En dat doet ze door over de bingo te beginnen.
Het gesprek glijdt moeiteloos naar het korte filmpje van eerder, het eerste vakje op de kaart dat ze met gemak had ingevuld. Hij begint haar te prijzen, niet op de manier die ik misschien had verwacht. Geen directe opmerkingen over hoe graag hij daar bij haar had willen zijn, geen rauwe fantasieën uitgesproken in haar richting. In plaats daarvan richt hij zich op hoe natuurlijk ze het deed, hoe moeiteloos haar sensualiteit naar voren kwam, hoe prachtig ze eruitzag en hoe hij simpelweg niet kon wachten om meer te zien. Dit verbaasd me. Maar hij liegt zeker niet.
Ik zie het effect bij haar. De opwinding kruipt omhoog in haar blik, niet per se door hem, maar door het idee, door de erkenning van iets wat diep vanbinnen in haar zit. Kamila is in staat tot veel. Veel meer dan wat ze nu doet met haar leven, dat weet ik zeker, veel meer dan wat ze zichzelf toestaat. Maar ze kiest ervoor haar focus op dit fysieke deel van haar leven te leggen, zich volledig te richten op wat ze in haar handen heeft, op wat ze kan beheersen. En in dat alles is ze een natuurtalent. Ze kan zoveel meer. En meer dan ze doet, blijkt nu maar weer. En dat weet ze. En dat weet ik ook. En hij wil dat misschien nog wel het meest zien.
Dan, zonder enige schaamte of aarzeling, vraagt hij haar direct naar de zogenaamde "Black"-bingo. Hij noemt het zo, alsof het de normaalste zaak van de wereld is, alsof dit geen beladen onderwerp is, geen grens die hij hiermee verkent. Waarom zou hij zich ook schamen? In zijn ogen is dit slechts een spel, een fantasie die langzaam naar de realiteit wordt geduwd.
"So, Mila-Rouge..." Zijn stem is soepel, bijna nonchalant. "What about the Black-bingo? Have you given it some thought?"
Ik zie hoe Kamila’s ogen oplichten bij zijn vraag, hoe een onbewuste glimlach haar lippen kruist. Het valt me op, en stelt me gerust, dat hij haar in ieder geval niet bij haar echte naam noemt. Maar dat is bijzaak nu. Ze likt even aan haar onderlip, alsof ze haar woorden zorgvuldig kiest, en leunt iets achterover in haar stoel.
"That depends," antwoordt ze speels. "Should I?"
Hij lacht kort, een warme, lage klank die verraadt dat hij dit spelletje vaker speelt. "Well, you would be perfect for it. You must know that."
Ze ontwijkt zijn vraag niet volledig, maar speelt ermee, houdt hem nog even op afstand, alsof ze zelf de spanning wil opbouwen, niet alleen voor hem, maar misschien ook voor zichzelf. "And what makes you think that?"
"Because I’ve seen you, Mila. I’ve seen the way you move, the way you... enjoy yourself." Zijn stem vertraagt bij die laatste woorden, alsof hij ze zorgvuldig neerlegt, als een uitnodiging. "I can only imagine how breathtaking you'd be surrounded by them. A goddess among kings."
Ik slik. Dit is meer dan een suggestie. Dit is een duw in een richting waar ik niet zeker van ben. En Kamila? Ze lacht. Een zachte, luchtige lach die niet verraadt of ze gevleid is of gewoon speelt. "That’s quite the compliment," zegt ze, haar vingers langs haar hals strijkend. "But you know... I don’t just jump into things like that."
"Of course not," zegt hij, zonder een spoor van teleurstelling. "But if you ever do... You should know I’d make sure it’s worth your while."
Hij blijft praten, blijft het beeld schetsen alsof hij een kunstenaar is die haar met zijn woorden middenin een scène plaatst. Hij vertelt haar hoe prachtig ze zou zijn tussen zwarte lichamen, hoe perfect ze zich daarin zou voegen, alsof het een natuurlijke bestemming is die ze altijd al had moeten bereiken. En ik? Ik zie het ook. Ik zie het meteen voor me, tegen wil en dank. Natuurlijk zou ze daar mooi zijn. Kamila is overal mooi. Of ze nu voor me ligt, onder me, boven me, of ergens anders, in andere armen, in andere handen. Ze zou altijd onweerstaanbaar zijn.
Maar wat hem tot nu toe slechts een fantasie leek, krijgt ineens een ander gewicht als hij iets ter sprake brengt wat ze hem blijkbaar zelf heeft verteld. Niet zomaar een opmerking, niet zomaar een veronderstelling, maar een herinnering.
"You know, Mila... you've already been with one before," zegt hij plots, zijn stem iets lager, alsof hij een geheim aan haar fluistert. "You told me, remember?"
Mijn hart slaat over. Kamila kantelt haar hoofd iets en lacht kort, maar er is een flikkering in haar ogen, een twinkeling die verraadt dat ze zich het gesprek herinnert. "Did I now?" zegt ze met een luchtige toon, alsof het niets voorstelt.
"Oh, you did," gaat hij verder, zelfverzekerd, genietend van het idee dat hij haar ergens op kan wijzen. "You told me about him. The first time. With a friend? How it was... different."
Ze glimlacht, haar vingers glijden gedachteloos langs haar hals. "I suppose it was," antwoordt ze, zonder veel moeite om het te ontkennen.
En ik? Ik voel hoe mijn grip op de deurpost steviger wordt. Ik wist het. Zij wist het. Elise wist het. En natuurlijk wist Mussa het ook. Maar dat had tussen ons moeten blijven, een afgesloten hoofdstuk, een geschiedenis die niet bedoeld was om te delen met buitenstaanders.
Toen hadden Kamila en ik nog geen relatie. Toen was het slechts een ervaring. Een keertje. Een moment. Ik en Elise als toevallige en gelukkige toeschouwers.
Maar nu... nu weet hij het ook. Omdat zij het hem heeft verteld. Dat betekent iets. Dat betekent dat het voor haar misschien toch meer betekende dan ik had gedacht. Het betekent dat dit in haar hoofd is blijven hangen, dat het iets bij haar heeft achtergelaten, een indruk, een verlangen misschien, iets wat haar nu nog steeds raakt.
"And would you do it again?" vraagt hij, de woorden bijna plagerig, maar met een onderliggende ernst. "For the bingo, perhaps?"
Kamila’s lach is zacht, een zucht van amusement terwijl ze het scherm iets dichter naar zich toe trekt. "Who knows? Maybe I'll surprise you."
Mijn gedachten tollen, mijn maag draait zich om. Overweegt ze die tweede bingolijst serieus? Misschien zelfs meer dan de eerste? Wat betekent dat? Wat betekent dat voor haar? Wat betekent dat voor ons? Hoe dan? Met wie dan? En nog belangrijker: waar blijf ik in dit alles?
Dan verdwijn ik maar naar boven, naar bed, al weet ik bij voorbaat dat slapen er niet in zit. Mijn hoofd gonst, beelden flitsen voorbij, herinneringen die ik niet wil oproepen, maar die zich toch aan me opdringen. Ik zie het voor me, hoe ze met Mussa was, hoe ze zich aan hem overgaf, zomaar, alsof het de enige logische keuze was in dat moment. Was het uit wraak? Voelde ze zich verraden door mij, door mij en Elise samen? Had ze toen aandacht te kort? Van mij? Ik wil geloven dat dat nu niet meer zo is, dat ik haar alles geef wat ze nodig heeft, maar ergens knaagt die twijfel. Zou ze nu ook iets missen? Zou ze nu iets zoeken wat ik haar niet kan geven?
Goed, Mussa is allang uit beeld. En dat is maar goed ook. Toch is het beeld van hen samen nooit echt verdwenen, nooit helemaal weggeëbd. En ja, ik kan er alles van vinden, en dat doe ik ook, maar feit blijft dat het me opwindt. Zoals het dat altijd heeft gedaan. En ik haat mezelf erom, en ik omarm het tegelijkertijd. Want een mooi, blank meisje met een grote, donkere gast… het blijft een beeld dat me raakt, een diepgewortelde trigger, zelfs als het om mijn eigen relaties gaat. Zelfs als het om Kamila gaat. Zelfs als het haar is die in dat beeld verschijnt.
Elise was anders, dacht ik altijd. En ergens klopt dat ook. Bij Elise voelde het alsof ze het verdiende. Alsof het onvermijdelijk was dat ze op haar plek werd gezet door Mussa, alsof het bij haar hoorde, bij de dynamiek tussen hen, tussen ons. Hoe hij haar nam, hoe hij haar verlangde, hoe ze zich liet nemen en hoe ze het nodig had. Maar ik en Elise, wij trokken uiteindelijk aan de touwtjes. Wij bepaalden hoe ver het ging, wij hadden de controle. Of leek dat maar zo?
Kamila hoeft niet op haar plek gezet te worden. Dat is het verschil. Maar moest ik het haar dan gunnen? Moest ik het toestaan? En als ik dat deed… wat dan? Wat zou dat betekenen? Ik geef haar alles. Ik weet dat ik haar alles geef. Zij komt niks tekort, niet zoals Elise dat deed. Ik ben er voor haar, altijd. Of ben ik toch niet zo zeker? Misschien is dat precies wat me nu zo in de war brengt. Misschien is dat waarom ik haar nu zo voor me zie, in een scène die ik zelf niet wil verzinnen, maar die zich opdringt als een instinct, een beeld dat me niet loslaat.
Ik zie hoe ze wordt opgevuld, letterlijk en figuurlijk. En vooral hoe ze daar van geniet. Iets wat ik niet kan geven. Ik heb er maar één. Geen drie. En ze zijn niet eens zwart. En daar lijkt ze zo van te genieten. Mijn adem stokt even bij die gedachte, een vloek ontsnapt uit mijn mond, maar het beeld verdwijnt niet. Waarom toch? Waarom zie ik dit? Waarom geloof ik dat ze dit wil? Waarom maakt het me zo ongekend hard om mijn eigen Kamila, mijn prachtige, getalenteerde Kamila, gevuld te zien worden door een zwarte piemel, zelfs door meerdere? Waarom nu ineens? Waarom was dit voor deze week nooit zo sterk, nooit zo urgent, nooit zo onontkoombaar?
Ze weet het. Ze weet precies wat het met me doet. Ik heb het haar verteld, in een moment van zwakte, of misschien van eerlijkheid. Wat het toen met me deed om Elise zo te zien. We hebben het er zeker eens over gehad. Meerdere keren zelfs. Maar nooit serieus. Of wel? Was ik naïef? Heb ik het onderschat? Heb ik haar onderschat?
Want hoe geil het ook is, hoe verwoestend opwindend de gedachte me ook maakt, er is één zekerheid die ik voel tot in mijn botten: ik wil niet, nooit, hoe dan ook, hetzelfde meemaken met Kamila. Nooit. Niet zoals dat toen ging met Elise.
-
Er zijn nog geen trefwoorden voor dit verhaal. Welke trefwoorden passen volgens jou bij dit verhaal?
Geef dit verhaal een cijfer:
5
6
7
8
9
10